| Actueel. Natuurlijk Tuinieren. |
Naar aanleiding van een artikel uit
het blad de Tuinliefhebber, voorheen ge-
naamd de Moestuinder, heb ik gereageerd op de mededeling dat men een
voorbeeld folder konden downloaden over het fenomeen Natuurlijk tuinieren.
Hier onder staat de betreffende folder, die gebruikt wordt bij de Tuin
vereniging
Langs de akker in Amstelveen, wie weet zit er ook iets voor u bij ?
|
Op internet zijn de volgende websites van belang: www.langsdeakker.nl, www.natuurmilieuweb.nl van de gemeentelijke werkgroep NT en www.avvn.nl. Voor ecologische zaden kunt u terecht bij De Bolster, www.bolster.nl, De Bolderik, www.debolderik.net; voor bijzondere wilde planten bij De Heliant, www.deheliant.nl en voor zadenlijsten www.knnv.nl Geschiedenis van het Keurmerk Het Nationaal Keurmerk Natuurlijk Tuinieren is ingesteld door het AVVN, organisatie voor tuinierend Nederland, met als doelstelling het natuurlijk tuinieren bij volkstuinders te bevorderen. Een tuinvereniging krijgt het Keurmerk pas als er in het algemeen groen geen chemische bestrijdingsmiddelen en kunstmest worden gebruikt en de tuinwinkel deze middelen niet verkoopt. Als een tuinvereniging zich voor het Keurmerk opgeeft stelt een begeleidingscommissie een adviezenrapport op, waarin de mogelijkheden voor meer natuur in het algemeen groen worden aangegeven. Na twee jaar wordt het tuincomplex gekeurd en in een uitvoerige beoordelingslijst wordt aangegeven aan welke mogelijkheden voor meer natuur zijn voldaan. Omdat het Keurmerk vier jaar geldig is moet een tuinvereniging na die periode opnieuw worden gekeurd. Zij kan er dan stippen bij krijgen maar ook verliezen. Wat is natuurlijk tuinieren? Natuurlijk tuinieren betekent zo tuinieren dat de natuur zich optimaal in de tuin kan ontwikkelen. Dit kun je bereiken door: te zorgen voor goede grond die geen chemische bestrijdingsmiddelen of kunstmest bevat. Chemische bestrijdingsmiddelen Als je een giftig middel gebruikt tegen luizen of slakken gaan ook de dieren dood die luizen of slakken eten, zoals het lieveheersbeestje en de egel. In een ecologisch evenwichtige tuin, waar plantenresten niet meteen opgeruimd worden, vormen slakken in de meeste gevallen geen plaag, maar passen ze juist uitstekend in de kringloop van eten en gegeten worden. De juiste meststoffen Organische mest verrijkt met zelfgemaakte compost is veel beter voor de grond en voor de planten (vooral groente) dan kunstmest. Talrijke bodemorganismen zetten de compost om en samen met de meststoffen worden de planten optimaal gevoed. Louter kunstmest laat de planten weliswaar harder groeien maar ze zijn daardoor meer vatbaar voor ziekten en plagen.In de biologische tuinbouw wordt geen kunstmest gebruikt. De groente groeit dan wel langzamer maar is veel lekkerder van smaak. Inheemse planten, zoals kattenstaart, koekoeksbloemen en vele andere genieten de voorkeur. Zij horen hier van nature thuis. Als zij op de juiste plek staan hebben ze nauwelijks last van ziekten en plagen. Doordat ze nog hun oorspronkelijke vorm hebben bieden zij veel insecten nectar en stuifmeel en de zaden worden graag gegeten door vogels en andere dieren. In de loop van duizenden jaren is er tussen vele inheemse planten en bepaalde insecten een relatie ontstaan. Veel bloemen zijn daardoor voor hun bestuiving afhankelijk van die insecten. Vaak zaaien inheemse planten zich rijkelijk uit. Dit betekent misschien extra werk maar een bijkomend voordeel is dat de bodem snel bedekt raakt, waardoor onkruiden minder kans krijgen en de grond bij warm weer niet zo snel uitdroogt. De gebruikelijke tuinplanten die vaak niet-inheems zijn, verdienen als zij niet veredeld zijn ook een plaatsje in de tuin. De bloemen hebben dan veel stuifmeel of nectar en vormen daardoor voor veel insecten een rijke voedselbron, zoals de blauwe smeerwortel, de mahonieplant, enkelbloemige stokrozen, enzovoorts. n een natuurlijk ingerichte tuin vinden veel dieren een goede plek om te wonen. Dit bereik je door een grote verscheidenheid aan bomen, heesters, bodembedekkers, vaste en eenjarige planten in de grond te zetten en zonnige plekken af te wisselen met schaduwrijke. Bijzonder zinvol is het om in de herfst alles gewoon te laten staan. Veel insecten kunnen dan een schuilplaats vinden, zoals het lieveheersbeestje. Laat ook het afgevallen blad zoveel mogelijk liggen. Tal van organismen leven hiervan of vinden een overlevingsplaats, zoals oorwurmen, pissebedden, slakken en kevertjes. Op hun beurt zijn zij weer voedsel voor vogels, kleine zoogdieren en andere insecten. Takkenwallen, boomstapels, stapelmuurtjes bieden schuilplaatsen aan allerlei kleine dieren, zoals muizen, wezels, egels, padden, salamanders en bruine kikkers. Het winterkoninkje en het roodborstje nestelen daarin en dagvlinders, wilde bijen en hommelkoninginnen vinden er een plekje om te overwinteren. Hoe breder de takkenwal of het muurtje, hoe meer natuur erin te vinden is. Wellicht voor u een idee om ook in uw tuin zo’n diervriendelijke plek in te richten. Verder vormen een vogelnestkastje, een vlinderkastje of een insectenhotel een welkome bijdrage aan een natuurlijke inrichting van de tuin.
Willem
Bouwmeester. |