Tuintips - Algemeen

Intro Tuinallerlei.
 
             Intro Tuintips.
 
Bodemonderzoek.
 
Groeiseizoen langer door
warmer klimaat
.
Minder vitamine in aardappel.

 
Dorstlessertje.

Wanneer fruit plukken.
 

Bodemonderzoek
';

Door een bodemonderzoek te laten uitvoeren is het mogelijk om exact te weten te komen hoe het met de bodemgesteldheid van uw tuin is. Onderzocht kan worden: de hoeveelheid stikstof, calcium, fosfaat en de zuurgraadgehalte (pH). Ook mogelijk is om onderzoek te laten doen naar kiemen, gisten en schimmels in de grond. De uitslag van het onderzoek en een bemestingsadvies van 4 jaar worden u toegestuurd. De kosten van een bodemonderzoek variëren tussen de 65 euro en 150 euro. De prijs hangt af van wat u wilt laten onderzoeken. Wanneer u interesse heeft, kunt u het beste contact opnemen met een instantie die dit onderzoek uitvoert. Een gratis monsterpakket wordt naar u opgestuurd waarin alle informatie staat vermeld. U kunt het natuurlijk ook met een paar buren samen doen (er vanuit gaande, dat de bodemgesteldheid onderling niet veel zal afwijken).

Enkele instanties zijn:
GAIA, Postbus 148, 3940 AC Doorn, tel. 0343-531233 en
Koch Bodemtechniek Eurolab, Postbus 21, 7400 AA Deventer,
tel. 0570-502010.

 

 

Groeiseizoen langer door warmer klimaat

Uit onderzoek blijkt, dat het groeiseizoen in Nederland in 100 jaar tijd 23 dagen langer is geworden. De periode waarin de gemiddelde etmaaltemperatuur op 1,5 meter boven de grond tenminste 8° C is, begint ongeveer twee weken eerder en eindigt ongeveer een week later. Een warmer klimaat heeft echter ook nadelen. De zachtere winters leiden waarschijnlijk tot meer problemen met schimmels en insecten. Zo profiteren bladluizen meer van de hogere voorjaarstemperatuur dan hun natuurlijke vijanden.

 

 

 

Minder vitamine in aardappel

Vijftig jaar geleden beschikten groenten en fruit over aanzienlijk meer voedingswaarde dan tegenwoordig. De gemiddelde aardappel is inmiddels 57% van de vitamine C, 50% van de vitamine B2, 28% van de vitamine B1 en 28% calcium kwijtgeraakt.

 

Dorst lessertje.

Ik las ergens over een man, een bessen teler, die onder de bessenstruik een bakje met water zette Volgens hem zou het voornamelijk dorst zijn waardoor de vogels aan de bessen pikken.
En dat zou best eens waar kunnen zijn, want ik zie de vogels al heel vroeg
aan de kleine bessen pikken.

 

 



Wanneer is fruit nu eigenlijk rijp om geplukt te worden?
Zeker bij klein fruit ligt dit voor de hand. Aalbessen, Frambozen en andere kunnen beoordeeld worden op hun kleur. Tevens geeft het suikergehalte, uitgezonderd stekelbessen soms, even goed aan dat het klein fruit plukrijp is.

Bij steen- en pitvruchten (pruimen, perziken, appelen, peren), ligt dit enigszins anders. Hier zal het tijdstip van plukken omschreven worden als het moment dat de vruchten boomrijp zijn. Voor zomerfruit (wij zeggen de vroege variëteiten) wil dit zeggen dat het fruit nog voldoende vast moet zijn zodat het nog niet meteen hoeft geconsumeerd te worden en dat het in die tussentijd zijn eigenlijke kwaliteit kan krijgen. Bij professionele kwekers betekent die tussenperiode, het moment tussen pluk en de hele verhandelingperiode tot in de winkel.

Voor winterfruit wil dat zeggen dat de vruchten moeten kunnen bewaard worden en gedurende deze bewaring een goede graad van rijpheid kunnen bekomen.

De boomrijpheid kan proefondervindelijk vastgesteld worden:
het vallen van enkele vruchten, dit ten gevolge van het vormen van wondweefsel (kurklaagje) tussen tak en vruchtsteel
zwart worden van de pitten
suikergehalte, door proeven uiteraard, specifiek bij druiven met een refractometer die de suikerwaarde vaststelt en waaraan druiven minimaal moeten voldoen alvorens in de verkoop toegelaten te worden. (Wet van 1962)
vastheid van het vruchtvlees, professionelen doen dit met een ‘fruittester of penetrometer’:
de kleur, er bestaan diverse kleurenkaarten voor evenveel variëteiten. Vooral bij Golden Delicious wordt dit vaak gebruikt evenals bij appel variëteiten die een ‘blos’ moeten krijgen.

Uiteindelijk is het zowel bij de particulier als de beroepskweker de ervaring en kennis die met de jaren de pluktijd zal bepalen, gesteund door hoger vermelde punten.
Het pluktijdstip op zich hoeft niet voor alle zelfde fruitvariëteiten op hetzelfde moment plaats te vinden. Diverse factoren zullen het moment van de pluk mee bepalen: onderstam, ligging en standplaats – grond – ouderdom van de bomen, verzorging, bemesting en bespuitingen.

Eerder gaf ik aan dat er vroege en late soorten zijn.
Enkele voorbeelden:
Zomervariëteiten: (pluk juli, augustus tot begin september) James Grieve en Transparante blanche (half oogst appel) Clapps Favorite, Williams voor de peren. Bij deze en andere vroege variëteiten is het noodzakelijk om te tussenplukken. Dit betekent oogsten wat al kan en de rest laten hangen. Dit geeft het grote voordeel dat alle fruit de hoogst mogelijke kwaliteit kan krijgen, het ontlast de boom en zorgt voor een spreiding van consumptie.

Herfstvariëteiten: (pluk september tot circa medio oktober) Cox, Jonagold, Golden, Boskoop,…
Durondeau, Conference, Doyenné du comice, Beurré Hardy Ook hier mag er tussen geplukt worden maar het zal minder noodzakelijk zijn. Tenzij bij sterk kleurende vruchten zoals Jonathan appels, de rode moeten geplukt worden, niet wachten tot ze allemaal rood zijn. Dit geeft slechte bewaringskansen voor de eerste rijpe vruchten.

Hoe plukken?
Het lijkt al even banaal als de vraag ‘hoe drinken’ of ‘hoe ademen’, maar de wijze van plukken is in de eerste plaats van belang voor de bewaring. Immers, gedeukte en andere ‘gekwetste’ vruchten bewaren niet. En u kent zeker ook dat spreekwoord van 1 rotte appel in de korf… Kwaliteitsfruit kan afval worden door een slechte pluk, beschadigingen zijn soms pas dagen later merkbaar en voor de bewaring is het best om met steel te plukken.

Tip: knip uw vingernagels alvorens bewaarfruit te oogsten. De meeste beschadigingen die na het plukken merkbaar worden zijn te wijten aan lange nagels.
Peren: handpalm rond de vrucht en wijsvinger op het aanhechtingspunt en vrucht heffen.
Appelen: de langstelige variëteiten (Golden) heffen en wijsvinger en duim aan het aanhechtingspunt brengen – de kortstelige soorten zoals Cox, idem dito maar met een kort rukje losmaken.
Pruimen: zoveel mogelijk met steel plukken.
Kersen: de zoete met steel de zure zonder.
Perziken: zonder steel plukken, vrucht vastnemen en verticaal naar beneden bewegen.


De wijze van plukken hangt natuurlijk ook af van de bestemming die uw fruit krijgt. Gaat u er confituur van maken dan is alles minder strikt te nemen, wenst u een goede en lange bewaring (zie vorig artikel), kan u er best voor zorgen dat het geoogste fruit niet op confituur gelijkt.
 

Terug.